Steady As

1 Fluiten

Internationale bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee, 1972

a Frequenties en hoorbaarheidsafstand

De grondfrequentie van het sein dient te liggen tussen 70 en 700 Hz. De hoorbaarheidsafstand van het sein van een fluit wordt bepaald door die frequenties, die de grondfrequentie en/of één of meer hogere frequenties kunnen omvatten, die tussen 180 en 700 Hz (+/- 1%) liggen voor een schip met een lengte van 20 meter of meer, of die tussen 180 en 2100 Hz (+/- 1%) liggen voor een schip met een lengte van minder dan 20 meter en die de geluidsdrukniveaus voortbrengen, aangegeven in paragraaf 1(c) hieronder.

b Grenzen van grondfrequenties

Om een ruime verscheidenheid in kenmerken van fluiten te waarborgen dient de grondfrequentie van een fluit tussen de volgende grenzen te liggen:

(i) 70-200 Hz voor een schip met een lengte van 200 meter of meer;

(ii) 130-350 Hz voor een schip met een lengte van 75 meter of meer doch minder dan 200 meter;

(iii) 250-700 Hz voor een schip met een lengte van minder dan 75 meter.

c Geluidssterkte en hoorbaarheidsafstand

Een op een schip aangebrachte fluit dient in de richting van de grootste geluidssterkte van de fluit en op een afstand van 1 meter daarvan in ten minste één 1/3 octaafband binnen de frequenties tussen 180 en 700 Hz (+/- 1%) voor een schip met een lengte van 20 meter of meer, of tussen 180 en 2100 Hz voor een schip met een lengte van minder dan 20meter, een geluidsdrukniveau voort te brengen van niet minder dan het desbetreffende cijfer in de onderstaande tabel.

Lengte van het schip in meters

1/3 octaafbandniveau op 1 meter in dB ten opzichte van 2x10-5N/m2

Hoorbaarheidsafstand In zeemijlen

200 of meer

143

2

75 of meer doch minder dan 200

138

1.5

20 of meer doch minder dan 75

130

1

Minder dan 20

120*1Wanneer de gemeten frequenties liggen tussen 180 en 450 HZ

0.5

115*2Wanneer de gemeten frequenties liggen tussen 450 en 800 Hz

111*3Wanneer de gemeten frequenties liggen tussen 800 en 2100 Hz

d Richtingseigenschappen

Het geluidsdrukniveau van een gerichte fluit mag in elke richting in het horizontale vlak binnen ± 45 graden van de as niet meer dan 4 dB onder het voorgeschreven geluidsdrukniveau op de as zijn. Het geluidsdrukniveau in elke andere richting in het horizontale vlak mag niet meer dan 10 dB onder het voorgeschreven geluidsdrukniveau op de as zijn, zodat de reikwijdte in elke richting ten minste de helft van de reikwijdte op de as recht vooruit zal zijn. Het geluidsdrukniveau dient te worden gemeten in die octaafband die bepalend is voor de hoorbaarheidsafstand.

e Plaatsing van de fluiten

Wanneer een gerichte fluit als de enige fluit op een schip wordt gebruikt, dient hij zo te zijn aangebracht dat zijn grootste geluidssterkte recht naar voren is gericht. Een fluit dient zo hoog op een schip te zijn geplaatst als uitvoerbaar is, ten einde het onderscheppen van het voortgebrachte geluid door obstakels te verminderen en ook om het gevaar voor beschadiging van het menselijk gehoororgaan tot een minimum te beperken. Het geluidsdrukniveau van het eigen sein van het schip op luisterposten mag niet hoger zijn dan 110 dB (A) en voor zover uitvoerbaar niet hoger dan 100 dB (A).

f Het aanbrengen van meer dan één fluit

Indien op een schip fluiten zijn aangebracht op een onderlinge afstand van meer dan 100 meter, dienen er maatregelen te worden getroffen, opdat zij niet gelijktijdig worden gebruikt.

g Gecombineerde fluitsystemen

Indien wegens de aanwezigheid van obstakels het geluidsveld van een enkele fluit of van één van de fluiten bedoeld onder (f) waarschijnlijk een gebied zal hebben met een aanzienlijk verminderd geluidsniveau, wordt aanbevolen dat een gecombineerd fluitsysteem wordt aangebracht, ten einde deze vermindering op te heffen. Voor de toepassing van de Voorschriften dient een gecombineerd fluitsysteem als een enkele fluit te worden beschouwd.

De fluiten van een gecombineerd systeem dienen te zijn geplaatst op een onderlinge afstand van niet meer dan 100 meter en zo te zijn ingericht dat zij tegelijkertijd worden gebruikt. De frequentie van elk van de afzonderlijke fluiten dient ten minste 10 Hz te verschillen van die van de andere.

BvA in force from 1 January 2016. Official text: wetten.overheid.nl.

Dutch legislation carries no copyright (Auteurswet article 11). Reproduced as published on wetten.overheid.nl.